Anderkaffer

poes

Poes

     Poes keek mij aan. Nee wacht, poes en ik keken elkaar aan. Een paar seconden geleden was ik nog een toevallige passant en vanuit het niets sta ik met al mijn zintuigen op scherp te loeren naar de diepere gedachtegang van een lapjeskat. Ineens is het mijn denken tegenover dat van haar. Een “wie-het-eerst-knippert-die-betaalt-spelletje”. Bring it on, dacht ik.



     Van het ene moment naar het andere gaan is iets aparts. Zo kan een moodswing zowel positief als negatief zijn en een ontslag een positieve draai aan je leven geven of je negatief beïnvloeden. Het ene moment stap je met je slippers in het vliegtuig en kom je er uit met koude tenen. Dat is kut, maar goed, je staat met die koude poten wel weer op aarde. Misschien is het meest verneukte aan de plotselinge verandering, op het moment zelve, dat je zelf niet scherp genoeg bent om te schakelen. Ligt er wellicht aan dat je niet de juiste rijles gehad hebt.



     Game on.
Game over.
Ik knipper al met mijn ogen voordat ik de naam van poes had verzonnen.
Zo snel won ze.
Ik bedacht nog dat misschien het raam tussen ons in haar troef was en dat ze hoopte dat ik naar mijn eigen weerspiegeling aan het kijken was.
     Ik laat haar achter en stiefel verder naar huis terwijl ik nadenk over ons momentje.
Grappig dat zij, hoe poes ook heten zal, mij toch even de meest gehate, doch altijd terugkomende oneliner van elke klantenservice, nu om half vijf ‘s-ochtends in mijn hoofd voorbij laat komen.
Eén moment geduld a.u.b..
Wacht maar poes, ik heb er wel meer dan één.

PS. Waarom heet een poes, die een lapjeskat is, geen lapjespoes? #feminisme
PPS. Waarom zit het woordje “mini” in feminisme?
PSS. Ik noem poes nu: kutkat.
Show More

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.